"It's not about my politics. Something happened way to quick. A bunch of men who played it sick. They divide and conquer" -- Husker Du

Sunday, June 03, 2007

De loze beloften van de G8

In juli 2005 kwamen de leiders van de 8 machtigste landen bij elkaar in Gleneagles in Schotland. Op het einde van hun driedaagse top beloofden ze tegen 2010 jaarlijks 50 miljard dollar extra hulp te geven aan de ontwikkelingslanden. Minstens de helft daarvan zou naar Afrika gaan. Ze beloofden ook de schulden kwijt te schelden van bepaalde ontwikkelingslanden aan het IMF en de Wereldbank, en handelsverdragen te sluiten die de ontwikkeling van Afrika zouden stimuleren.

De leiders van de G8 sloegen zich op de borst dat hun plan elke Afrikaan gratis toegang tot basisgezondheidszorg zou kunnen bezorgen tegen 2010. Een behandeling met aids-remmers zou in het bereik liggen van zowat iedereen die daar nood aan had. Tegen 2015 zou de omvang van de Afrikaanse handel en economie verdubbeld zijn.

Deze week komen de leiders van de G8, die samen instaan voor tweederde van het wereldinkomen, opnieuw samen in het Duitse Heiligendamm. Hoe staat het met hun beloften?

Twee├źntwintig arme landen hebben sinds de top in Gleneagles schuldverlichting gekregen. Hoopgevend is dat landen als Ghana en Zambia het geld dat daardoor vrijkwam, gebruikt hebben voor basisvoorzieningen aan de bevolking. Daarmee bewijzen ze dat arme landen best wel in staat zijn om 'goed bestuur' in de praktijk te brengen.

Volgens een recente studie van Oxfam International stopt daar echter het goede nieuws. Van gunstigere handelsbetrekkingen is niet veel te merken. De Grote 8 hebben de schuldverlichting bij hun ontwikkelingshulp geteld om de cijfers wat te verbloemen. Het is een truuk die Belgi├ź ook toepast. Als we de schuldkwijtschelding uit de statistieken halen blijkt echter dat de hulp aan Afrika sinds Gleneagles nauwelijks gestegen is, integendeel.

Oxfam international berekende dat de G8 meer dan 30 miljard dollar tekort zal komen om aan de beloofde 50 miljard dollar extra hulp te geraken in 2010. Als de trend zich doorzet zal het bij 20 miljard dollar blijven, ondanks de mooie beloftes.

Ontwikkelingshulp is natuurlijk niet alles. Er is meer nodig dan alleen geld. Maar toch, een recente studie van de Wereldgezondheidsorganisatie toont aan dat er toch spectaculaire dingen zouden kunnen gebeuren met extra geld dat goed besteed wordt.

Een bedrag van 5,2 miljard dollar zou genoeg zijn om elementaire verzorging te bieden aan zwangere vrouwen en zuigelingen in de armste landen. Een extra 5,6 miljard dollar zou ook gepaste medische zorg kunnen verzekeren voor de kinderen in die landen. Daarmee zouden 4,5 miljoen kinderen gered kunnen worden. Voor amper 11 miljard dollar. Een bijkomende 16 miljard dollar zou preventie en behandeling van AIDS kunnen verstrekken in geheel zwart Afrika. Deze maatregel zou nog eens een half miljoen mensenlevens kunnen redden. Kortom, die bijkomende 30 miljard dollar komt overeen met 5 miljoen mensenlevens.

Toeval of niet maar VS President Bush beloofde een week voor de top 30 miljard dollar extra voor PEPFAR, een programma voor aids-bestrijding dat hij drie jaar geleden zelf oprichtte. Het gaat echter over een budget dat gespreid wordt over 5 jaar. Bovendien is PEPFAR een omstreden programma dat vooral dient om de conservatieve morele waarden van Bush en de zijnen uit te dragen.

Hoogstwaarschijnlijk krijgen we later deze week opnieuw beloftes te horen in Heiligendamm. De leiders van de G8 zullen hun bezorgdheid voor de gezondheid en het welzijn van de armsten uiten. De ervaring leert echter dat het een zaak is om de druk op te voeren zodat de wereldleiders hun beloften ook zouden nakomen.

2 comments:

Anonymous said...

Het is niet alleen aan de politiek of de G8 om de armoede in de wereld op te lossen. Natuurlijk moeten ze een bijdrage leveren, maar dat moeten we als burgers zelf ook doen. Bijvoorbeeld door het kopen van fair trade producten. De boeren uit ontwikkelingslanden krijgen dan een eerlijke prijs voor hun katoen, cacao of koffie. Zo houden ze geld over om bijvoorbeeld het schoolgeld van hun kinderen te betalen. Gelukkig verkopen steeds meer supermarkten fair trade koffie, chocola, sinaasappelsap, wijn, rijst etc. Uiteindelijk zullen de mensen in ontwikkelingslanden het zelf moeten doen, maar het gaat wel heel moeilijk als we belachelijk weinig voor hun grondstoffen blijven betalen.

Wim said...

Groot gelijk hoor dat de boeren uit de ontwikkelingslanden een eerlijke prijs moeten kunnen krijgen. Maar ons consumptiepatroon speelt daarin slechts een kleine rol. Uiteindelijk zijn het de rijke landen (de regeringen van de G8 dus) die op wereldvlak de wetten stellen. En zolang zij geen werk maken van eerlijke handelsverhoudingen, is er ook weinig kans dat de boeren uit het zuiden er echt op vooruit gaan. Het ene (politieke actie) sluit het andere (fair trade) niet uit, zeker niet, maar we moeten wel beiden in het juiste perspectief zien, niet?